EEN BULT. WAT NU?                                                                                                                                                             


U bent de hond of poes aan het aaien en ineens voelt u een bult onder uw vingers doorschieten. De grote vraag: moet u hiermee naar de dierenarts of kunt u dit afwachten? Hieronder zullen we proberen deze vraag in grote lijnen te beantwoorden.

De oorsprong van een bultje kan heel verschillend zijn. Zo kan het bijvoorbeeld een ontsteking zijn, maar het kan ook zijn dat het gaat om een tumor (kanker). Op basis van alleen kijken en voelen is het zelden mogelijk om direct aan te geven om wat voor bultje het gaat. Als u eenmaal een bult heeft ontdekt, kunt u het beste op de volgende kenmerken letten:

  1. De plaats
  2. De grootte
  3. De beweeglijkheid
  4. De groeisnelheid
  5. De eventuele inhoud
  6. De kleur

1. De plaats

Sommige bulten komen met name op bepaalde delen van het lichaam voor, zoals bijv. basaalceltumoren (in het algemeen goedaardig), die vooral aan de kop voorkomen. Er zijn ook plekken op het lichaam waar vlak onder de huid lymfeknopen zitten. Als op deze plaatsen een bult ontstaat, kan het best eens zijn dat het gaat om een vergrote lymfeknoop. Lymfeknopen vormen een belangrijk onderdeel van het afweersysteem en raken vergroot als dit geactiveerd wordt. Verder is het natuurlijk belangrijk dat een bult niet op een plaats zit, waar uw hond of kat er last van heeft, zoals bijv. in het slijmvlies van de bek het geval kan zijn. Het kan ook zo zijn dat de bult een reactie is op een vloeistof die op de betreffende plaats geïnjecteerd is. Zo komt het regelmatig voor dat honden en katten een reactie krijgen op de vaccinatie, die onder de huid, tussen de schouderbladen wordt gegeven. Dit wordt ook wel een entreactie genoemd en deze verdwijnt in de regel binnen 3 à 4 dagen.

2. De grootte

Het is niet zo dat een grote bult per definitie slecht nieuws betekent, maar als een bult in eerste instantie al erg groot is, is het wel verstandig deze te laten controleren door de dierenarts. Met behulp van een liniaal kunt u de lengte, breedte en hoogte van een bult proberen op te meten. Als u ervoor kiest om verder onderzoek even af te wachten omdat het nog maar een klein bultje is, kunt u enkele weken later de bult opnieuw opmeten. Als de bult dan een stuk groter is, dan is een bezoek aan de dierenarts zeker aan te raden.

3. De beweeglijkheid

Er zijn bulten die heel oppervlakkig in de huid liggen en bulten die dieper onder de huid liggen. Het kan zelfs zo zijn dat een bult vastzit aan onderliggende spierlagen. De bult kan dan niet gemakkelijk op en neer bewogen worden. Bultjes die wat dieper in de huid vast lijken te zitten zijn relatief vaker minder onschuldig dan bultjes die heel oppervlakkig in de huid zitten.

4. De groeisnelheid

Op enkele uitzonderingen na hebben “goedaardige” bultjes een lagere groeisnelheid dan “kwaadaardige” bultjes. Wanneer een bultje binnen enkele weken alleen maar groter wordt, is het verstandig op korte termijn de dierenarts te consulteren. Bulten die heel snel groeien, kunnen duiden op een tumor, tenzij het bijvoorbeeld een zich ontwikkelend abces is.

5. De eventuele inhoud

In het geval van een abces kan binnen enkele dagen een forse bult groeien, maar daarin bevindt zich dan pus. Een abces kan uit zichzelf al doorbreken via een gaatje in de huid. Een ander voorbeeld van een bultje met inhoud is een cyste. Dit is in het algemeen een onschuldig bultje met heldere inhoud. Een bultje met inhoud kan het beste bij de dierenarts aangeprikt worden om te kijken om wat voor soort inhoud het gaat.

6. De kleur

Wanneer een bult verandert van kleur, is het ook verstandig de bult na te laten kijken door de dierenarts. Het kan zijn dat het gaat om een blauwe plek ten gevolge van een kneuzing, maar het kan ook zijn dat de huid zodanig beschadigd is, dat deze niet meer goed doorbloed is en aan het afsterven is. Ook een bultje dat u net ontdekt en dat een andere kleur heeft dan de omliggende huid, dient nagekeken te worden.

De dierenarts zal u ongetwijfeld naar bovengenoemde kenmerken vragen. Het signalement (diersoort, ras, leeftijd, vachtkleur, geslacht) van uw dier is voor de dierenarts van groot belang. Zo komen tumoren komen vaker voor bij oudere dieren en zien we melkkliertumoren veel vaker bij teven (ze komen wel voor bij reuen!). Om erachter te komen om wat voor soort bult het gaat, moet er verder onderzoek worden gedaan. De dierenarts neemt dan een zogenaamd “DNAB” (= dunne naald aspiratie biopt). Dit wil zeggen dat er dan met een heel fijn naaldje in de bult wordt geprikt wordt en dat er inhoud en/of cellen worden verzameld die dan ingestuurd worden naar een specialist om te laten onderzoeken. Aan de hand van de cellen kan dan bekeken worden om wat voor soort bult het gaat. Op basis van die uitslag kan dan een overweging gemaakt worden of eventueel verdere stappen moeten worden ondernomen, zoals bijv. chirurgische verwijdering. In de meeste gevallen is het aanprikken van een bultje niet pijnlijk voor een dier en zal uw dier nauwelijks reageren op de prikjes. Een goed moment om uw dierenarts te vragen naar een bultje te kijken is tijdens de algemene controle voor de jaarlijkse vaccinatie. Dan kan eventueel ook besloten worden of het verstandig is het bultje aan te laten prikken. Als u na het lezen van bovenstaande informatie een afspraak wilt maken om een bultje bij uw dier te laten onderzoeken, kunt u hiervoor natuurlijk contact opnemen één van onze assistentes.

 VOOR U GELEZEN                                                                                                                                                                  

Hondjes de dupe van huizencrisis
DAG 17 juli 2008

Britten hebben meer dan de Nederlanders last van de huidige economische misère. En niet alleen de mensen in Groot-Brittannië, ook de huisdieren dreigen nu in de problemen te raken. Het begon allemaal met de hypotheekproblemen in de VS. De kredietcrisis die volgde treft ook Britse banken en bedrijven. Ook de huizenmarkt is de dupe. Voor het eerst in lange tijd stijgen de huizenprijzen niet meer, maar worden woningen minder waard. Daarnaast is het leven duurder geworden. Wat als mensen hun woning moeten verkopen en noodgedwongen in een huurhuis gaan wonen? Veel huisbazen staan geen huisdieren toe. Liefdadigheidsorganisatie Dogs Trust luidt nu de noodklok: door de crisis bestaat de reële kans dat duizenden eigenaren van hun hondje of katje af willen. Om de Britse mensen in financiële nood te helpen wil minister van huisvesting huiseigenaren tijdelijk hun huis aan de lokale overheid kunnen verkopen om het vervolgens weer te huren. Of de lokale overheden ook huisdieren toestaan is echter niet bekend.

Begrijpt uw hond wat u bedoelt?
Psychologie magazine juli/augustus 2008

Mensen zijn hopeloos gezelschap voor dieren: ze schreeuwen, ze maaien met hun armen en zijn er zelden als je ze nodig hebt……Nederlanders zijn dol op huisdieren. Er zijn zo’n 3.3 miljoen katten en 1.8 miljoen honden in Nederlandse huishoudens. Toch gaat er een hoop mis in de communicatie tussen mens en dier, weet Nienke Endenburg, GGZ psycholoog en deskundige op het gebied van mens-dierrelaties van de Universiteit Utrecht. Dit komt vooral omdat wij signalen van het dier niet goed begrijpen en ons er te weinig in verdiepen. Dieren letten veel meer op ons dan andersom, dieren lezen onze lichaamstaal extreem goed. Zo kunnen dieren soms gestrest gedrag vertonen als hun baasje gestrest is terwijl het baasje zelf niet eens doorheeft dat hij gespannen is.

Vooral honden zijn meesters in het lezen van lichaamstaal, daarin winnen ze het zelfs van chimpansees. Als de dieren moesten kiezen uit twee dozen waarvan in één lekker snack zat verstopt, kozen honden bijna altijd de juiste doos als een mens ernaar keek of wees. Chimpansees bleven zelfs na meerdere keren gewoon gokken. Het maakte niet uit of de honden opgegroeid waren bij mensen of in een kennel met andere honden. In de loop van de evolutie heeft de hond blijkbaar de aangeboren eigenschap verworven om de non-verbale signalen van mensen te begrijpen.In de communicatie tussen hond en baasje wordt heel wat afgeschreeuwd. Volkomen zinloos, zeggen gedragexperts. Honden (en katten) horen zoveel beter dan wij, dat een stemverheffing niets toevoegt. De lichaamstaal die mensen vertonen als ze schreeuwen, is vrijwel altijd agressief. Het dier zal eerder angstig of agressief worden. Zeg dus liever op een rustige manier wat u wilt en beloon het gewenste gedrag.

Nienke Endenburg ziet dat mensen het gedrag van hun huisdier vaak te menselijk beschrijven. Als een hond in de kamer heeft gepoept en het baasje thuiskomt, wil de hond nog wel eens wegkruipen. “Hij wist dat het fout was, hij keek zo schuldig” zeggen mensen vaak. Onzin volgens Endenburg. De hond ziet al aan kleine veranderingen in de lichaamstaal van de eigenaar dat die niet blij is. Hij heeft geen idee dat het met die drol te maken heeft!

 Meer lezen?

Begrijp ik mijn kat?
(Fontaine Uitgevers)
Nicky Gootjes en Sonja van den End

Begrijp ik mijn hond?
(Fontaine Uitgevers)
Sasha Gaus en Nicky Gootjes                
                                               
 

Navigeren zonder kompas, zo vinden dieren hun weg naar huis terug
DAG 17 juli 2008

Dat veel dieren over een ingebouwd navigatiesysteem beschikken, is zeker. Maar het wetenschappelijk onderzoek ernaar is nog in volle gang. Ze blijken een heel spectrum aan trucs te hebben. In 1873 opperde Charles Darwin de theorie van padintegratie: sommige dieren zouden beschikken over een intern geheugen waarmee ze het afgelegde pad onthielden. Darwins theorie blijkt niet helemaal te kloppen omdat dieren ook de weg naar huis terug kunnen vinden als ze gedropt worden op een onbekende plek. Intussen denken onderzoekers dat het navigatiesysteem van dieren op dat van mensen lijkt. Dieren bepalen hun richting vermoedelijk eerst met informatie uit de natuur. Omdat dit niet voldoende is om ze terug naar huis te leiden, bezitten dieren waarschijnlijk over een methode om een ‘landkaart’ te maken van hun omgeving. Dieren hebben daar verschillende methoden voor. Zo gebruiken schildpadden het magnetisch veld van de aarde, terwijl walvissen hun stem inzetten om thuis te komen. Zij stoten geluiden uit die weerkaatsen op obstakels en vormen zo een beeld van hun omgeving. Met het richtingsgevoel van honden en katten is het heel wat slechter gesteld. Een ontsnapte Japanse papegaai pakte het veel slimmer aan: hij onthield simpelweg zijn adres en herhaalde dat keer op keer.

 DIARREE BIJ DE HOND                                                                                                                                                           

Diarree is een (water)dunne of brijige ontlasting en is een veel voorkomende klacht bij honden. Het kan vele oorzaken hebben, soms onschuldig, soms ernstiger door bijvoorbeeld infecties met gevaarlijke virussen. In dit stukje willen we nader ingaan op het fenomeen diarree en ook duidelijk aangeven wat te doen en wanneer toch echt naar een dierenarts gegaan moet worden.

Voer

Voer is een belangrijke oorzaak voor diarree. Er zijn veel goede en uitgebalanceerde voeders te verkrijgen bij dierenartsen, dierenspeciaalzaken en supermarkten. Ons advies is altijd te kiezen voor een bekend merk. Als kliniek bevelen wij bijvoorbeeld Royal Canin aan. Inferieure merken zijn niet verstandig omdat nooit duidelijk is wat er in het voer zit aan voedingswaarden en er vaak stoffen aan toegevoegd worden die schadelijk kunnen zijn voor de hond. Met name voerovergangen veroorzaken nogal eens diarree. Daarom is ons advies altijd de overgang geleidelijk te doen, bijvoorbeeld in een week het nieuwe voer op te bouwen en het oude voer af te bouwen.

Allergie

Voor wat betreft voer komen er bij honden nogal eens gevoeligheden, de zogenaamde voedselallergieen voor. De hond kan dan niet tegen bestaande bestanddelen van het voer en dat uit zich vaak in jeuk en krabben en diarree. Zo´n gevoeligheid kan van de ene op de andere dag ontstaan. Dus een voer dat al heel lang gegeven wordt kan ineens irritatie opleveren van huid en darmen. Om uit te sluiten of een allergie een rol speelt is het van belang met de dierenarts de voorgeschiedenis door te nemen en om een speciaal dieet te geven. Dit heet een eliminatiedieet. De hond krijgt dan alleen maar voer waarvan we zeker weten dat de hond er niet gevoelig voor is. Na een aantal weken kijken we dan of de problemen van onder andere dieet over is. Als dat niet zo is, moet naar ander oorzaken gezocht worden. Is de toestand wel verbeterd, dan is het raadzaam een zogenaamd hypoallergeen voer te geven. Uw dierenarts en assistente kan u hierin adviseren.

Infecties

Een gevaarlijkere oorzaak van diarree zijn de virusinfecties. Bij pups en niet/gevaccineerde dieren komt het Parvo-virus voor die vaak voor puppies dodelijk is. Volwassen en oudere dieren zijn er vaak behoorlijk ziek van met diarree, bloed bij de ontlasting, koorts en uitdroging tot gevolg. De temperatuur van een hond zit tussen de 38,0 en 39,0 graden. U kunt zelf de temperatuur opnemen door een ´gewone´ thermometer rectaal in te brengen.

Een milder virus is het Rota- of Corona-virus. De verschijnselen zijn milder, maar zwakkere dieren kunnen behoorlijk ziek worden. Bij koorts en heftige diarree (met bloed) móet u altijd naar de dierenarts. Door minder eten en drinken en veel vocht verliezen via de diarree drogen honden snel uit en dat kan de hond dan fataal worden.

Voor ons is het belangrijk zo snel mogelijk de vochtbalans te controleren en te herstellen. Via bloedonderzoek kan de mate van uitdroging bepaald worden en ook of er een gebrek is aan bepaalde noodzakelijke mineralen. Een ontlastingsonderzoek geeft vaak uitsluitsel over met welk virus we te maken hebben.

Behandeling van ernstige diarree is levensreddend. De vochtbalans wordt hersteld door het toedienen van vocht via een infuus. Hiertoe worden een katheter in een bloedvat van de voorpoot geplaatst en zo kan dan vocht, medicamenten en suppletie van mineralen plaats vinden. Daarbij wordt vaak ook andere medicijnen gegeven om de maag en darmen te beschermen en om ongewenste parasieten in de darmen te bestrijden. Natuurlijk ontbreken de pijnstillers en koortsremmers niet, evenals een aangepast dieet van licht verteerbaar voer.

Wormen en parasieten

Wormen kunnen bij pups ook diarree veroorzaken. Bij ouder honden zou het ook kunnen, maar dan moet wel sprake zijn van een hele zware infectie. Voor pups geldt dat ze in de baarmoeder van de moeder al besmet raken en dus met wormen te wereld komen. Het is altijd belangrijk pups goed en vaak te ontwormen. Dit om diarree, uitdroging en groeiachterstand te voorkomen.

Let altijd op met welk middel u ontwormt. Er zijn nogal wat ouderwetse middelen verkrijgbaar bij dierenwinkels. Sommige middelen doden helemaal geen wormen meer af omdat de wormen in de loop van de jaren immuun zijn geworden voor die middelen. Andere middelen kunnen honden ook ziek maken met braken tot gevolg en dan is het middel erger dan de kwaal! Op de kliniek hebben wij gekozen voor Milbemax®. Dit middel is zeer veilig voor honden van alle leeftijden en is zeer effectief gebleken tegen zeer veel wormensoorten.

Los van diarree is het verstandig uw hond 3 tot 4 keer per jaar te ontwormen. Denk dan niet alleen aan de gezondheid van u w hond, maar ook voor uzelf of voor kinderen. Wormen kunnen namelijk overdraagbaar zijn naar de mens en dat is toch een vervelend idee.

Een parasiet die we de laatste jaren vaak zien is Giardia. Een parasiet van de dikke darm. Een infectie gaan gepaard met diarree, soms met slijm en bloed. Op de kliniek kunnen we testen voor Giardia. Dat is belangrijk omdat de parasiet met een speciaal soort antibiotica bestreden moet worden. Belangrijk is ook dat u het als eigenaar weet omdat Giardia in principe ook besmettelijk is voor de mens en met name kinderen ook behoorlijk ziek kunnen worden. In geval van diarree bij de hond is het altijd belangrijk een goede hygiëne in acht te nemen.

Er zijn naast voer en infecties nog tal van andere oorzaken voor diarree. Zo kan ook gedacht worden aan leverproblemen, het eten van rare dingen als touw of lekker ruikende plastic zakjes, tumoren van maag of darmen enz.

Belangrijk is dat u met een hond met diarree niet te lang wacht. Het is altijd prima om met licht verteerbaar voer en vaker per dag eten geven het te proberen, eventueel aangevuld met inhullende middelen en pijnstillers, maar mocht de diarree aanhouden of is uw hond echt ziek, laat uw hond dan controleren door uw dierenarts.

 SIMBA EN MAX BLIJVEN POPULAIRSTE KATTEN- EN HONDENNAAM                                                                        

Dierenverzekeraar en marktleider Proteq Dier & Zorg heeft haar jaarlijkse katten- en hondennamen Top 10 bekend gemaakt. Net als vorig jaar blijft Simba bij de katten de meest populaire naam in Nederland. Simba staat al jaren in de Top 5 van favoriete namen bij katteneigenaren. Vorig jaar was de nummer 1 plaats van Simba de grote verrassing. Hiermee streefde Simba, Tommy en Tijgertje voorbij. Goed voor een tweede en derde plaats zijn Tijger en Gizmo. Wat opvalt, is dat Luna steeds populairder wordt. Luna heeft in 1 jaar tijd Minoes, Tommy en Max ingehaald in de namen Top 10. Max als kattennaam is gedaald van een vijfde plaats in 2007 naar een zesde plaats in 2008. Tommie staat dit jaar met een 10e plaats nog net in de Top 10.

Bij de honden staat Max voor het vijfde achtereenvolgende jaar op 1. Proteq Dier & Zorg verwachte vorig jaar dat de naam Bo een eerste plaats in zou nemen, maar Max blijkt toch als hondennaam nog het meest voor te komen. Bo blijft dit jaar goed voor een tweede plaats, maar blijkt geen serieuze concurrent voor Max te zijn. Ook bij hondeneigenaren is Luna een populaire naam en goed voor een derde plaats in de namen Top 10. Proteq verwacht dat Luna de komende jaren als hondennaam steeds populairder zal worden en een geduchte concurrent voor Max. In de Top 10 van de hondennamen zijn de namen Sam en Daisy gestegen ten koste van Beau en Spike.

                                                                           Namen Top 5 - 2008

   

Hond
                                          
1. Max
2. Bo/Beau
3. Luna
4. Sam
5. Spike

             

Kat
                                         
1. Simba
2. Tijger(tje)
3. Gizmo
4. Mickey
5. Luna

Onderzoek

Het onderzoek van de meest populaire honden- en kattennamen is uitgevoerd onder alle klanten van de huisdierenverzekeraar Proteq Dier & Zorg.

Algemene conclusie – De huisdiereneigenaar wordt steeds creatiever

Algemene conclusie van de dierenverzekeraar is dat steeds meer huisdiereneigenaren in Nederland hun hond en/of kat verzekeren. Uit het onderzoek van Proteq Dier & Zorg blijkt dat eigenaren van honden en katten ook steeds creatiever worden in het verzinnen van namen voor hun huisdier. Nieuwe namen en/of creatieve namen zijn echt een trend.

 STOFFEN DIE GIFTIG ZIJN VOOR UW HUISDIER                                                                                                                

Er bestaan erg veel stoffen die giftig zijn voor uw dier. Teveel om ze hier allemaal op te noemen. Meestal wordt het niet gezien dat het dier iets giftigs heeft opgenomen maar de meest voorkomende klachten die optreden zijn braken, diarree of zenuwsymptomen. In de onderstaande tekst een overzicht van de meest voorkomende stoffen die aanleiding geven tot vergiftiging bij uw dier en wat nou te doen bij verdenking hiervan.

Aspirine en Paracetamol
Te vaak hoor je nog “Mijn kat/hond was ziek dus ik heb hem alvast wat paracetamol/aspirine gegeven”. Dit is zeer onverstandig. Vooral de kat kan deze medicijnen slechts heel langzaam afbreken waardoor er dus al gauw een overdosering en dus een vergiftiging ontstaat. De symptomen van een Aspirine vergiftiging zijn vnl. braken (evt. met bloed erbij) en algemeen ziek zijn. Paracetamol geeft aanleiding tot veranderingen in het bloed waardoor er te weinig zuurstof vervoerd kan worden met dus een zuurstoftekort als gevolg. Verder kan er ook overmatig speekselen optreden en zwelling van de kop en poten. Ook bij honden moet er worden opgepast met het toedienen van deze medicatie. Zij kunnen last krijgen van dezelfde vergiftigingsverschijnselen als katten maar meestal in mindere mate.

Druiven en Rozijnen
Deze zijn giftig vanaf 15-30 gr/ kg lichaamsgewicht. Het geeft 5-6 uur na opname maagdarmklachten als braken en diarree en binnen 48 uur nierfalen waardoor uw dier kan overlijden.

Chocola
In chocola zit een stof genaamd theobromide waar vooral honden niet tegen kunnen. Wanneer uw dier chocola heeft gegeten kan hij zeer hyperactief worden. Maagdarmklachten, krampen en toevallen behoren ook tot de verschijnselen. In het ergste geval kan er een ernstige hartritmestoornis ontstaan met de dood tot gevolg. Wel bestaat er een groot verschil tussen pure chocola en melkchocolade. Melkchocolade is giftig vanaf 67 gr/kg lichaamsgewicht terwijl pure chocola al giftig is vanaf 6 gr/kg lichaamsgewicht.

Ratten en muizengif (cumarine)
Geeft verschijnselen als braken en stoornissen in de bloedstolling wat resulteert in inwendige bloedingen, onderhuidse bloedingen en bloedingen in de slijmvliezen.

Slakkengif (metaldehyde)
Geeft verschillende zenuwsymptomen als spiertrillingen, krampen, toevallen en dronkemansgang. Het slakkengif is meestal in de vorm van kleine blauwe (of roze) bolletjes te vinden.

Botulisme
Botulisme wordt veroorzaakt door toxines die in kadavers gevormd zijn door een bepaald type bacterie. Deze vergiftiging komt meestal voor tijdens warme zomers wanneer honden hebben gezwommen in water waar dode vogels in lagen of wanneer ze hebben gegeten van een dode vogel. De verschijnselen zijn verlamming en verminderde reflexen.

Blauwalg
Blauwalg kan ontstaan tijdens warme zomers in stilstaand water. Honden die ermee in aanraking komen kunnen last krijgen van maagdarmklachten wanneer ze wat water binnenkrijgen en van huidirritatie, geïrriteerde ogen en oorontsteking

Insectenbestrijdingsmiddelen (organofosfaten)
Meestal gaat het hierbij om een vergiftiging door een vlooienbestrijdingsmiddel waarbij het dier (meestal katten) door het likken wat hebben binnengekregen. De verschijnselen die optreden zijn speekselen, grote pupillen, maagdarmklachten, benauwdheid en toevallen.

Mocht u gezien hebben of het vermoeden hebben dat uw dier iets giftigs heeft opgenomen is het verstandig om zo snel mogelijk contact op te nemen met uw dierenarts. Wat u eventueel thuis al kunt doen is het dier zo snel mogelijk laten braken door een theelepeltje keukenzout achter op de tong te doen. Indien dit niet lukt, kan de dierenarts een injectie geven om uw dier te laten braken. Als uw dier iets heeft opgegeten en u twijfelt of dit giftig is moet u altijd de dierenarts bellen voor overleg.

 ZIEKTE VAN LYME BIJ HONDEN IN NEDERLAND                                                                                                            

Net zoals mensen kunnen ook honden geïnfecteerd worden met een bacterie (Borrelia) door de beet van een teek (I. ricinus). Deze bacterie kan verantwoordelijk zijn voor de ziekte van Lyme en reist met de teek mee. Het is al lange tijd onduidelijk of de ziekte van lyme ook in Europa voorkomt bij honden. Zelfs in de geneeskunde is het aantonen van een verband tussen de tekenbeet en de ziekte van Lyme nog altijd een moeilijke diagnose.

De symptomen zijn één tot drie periodes van enkele dagen koorts en kreupelheid aan één poot, zonder dat er iets gebeurd is. Ook algeheel niet goed voelen en niet willen eten kan erbij horen. De honden lijken dus niet acuut ziek te worden en er hoeft ook niet altijd een rode ring om de beet te verschijnen na infectie. Sommige honden hebben slechts één periode last en hierbij zie je natuurlijke immuniteit optreden, zodat ze niet of minder vatbaar worden voor de ziekte. Chronisch zieke honden blijven hun levenlang besmet en hebben af en toe last van de verschijnselen. De bacterie lijkt ongevoelig voor antibiotica en het eigen immuunsysteem. De ziekte kan langdurig in de hond aanwezig zijn zonder dat enig ziekteverschijnsel optreedt. We zien pas problemen als het immuunsysteem verzwakt (dit kan ook na heel veel beten van teken die de bacterie hebben) Het is ook mogelijk dat er een aangeboren gevoeligheid bestaat en dat het bij bepaalde rassen meer voorkomt

Conclusies en advies

Over lyme bij honden bestaat nog veel onduidelijkheid. Niettemin kunnen we de conclusie trekken dat lyme ook in Nederland bij de hond kan voorkomen, alleen komt het zeer sporadisch voor. Per individueel geval moet een afweging worden gemaakt voor vervolgonderzoek, maar een absoluut zekere diagnose is niet te stellen. De diagnose wordt meestal gesteld door andere ziektes uit te sluiten en dan vervolgens te testen middels twee testen. Een positieve test is altijd positief een negatieve test hoeft niet te zeggen dat de hond geen lyme heeft. Bij de ziekte beginnen we altijd met een tiendaagse antibioticumkuur (doxycycline) welke vaak verbetering geeft. Voorlopig is vaccinatie geen optie, aangezien deze waarschijnlijk een niet voldoende beschermende werking zal geven. Middelen ter voorkoming van het verkrijgen van teken (Scalibor tekenband en Prac-tic) verkleinen de infectiekans aanzienlijk. Het blijft aanbevelenswaardig om regelmatig te controleren op teken en om gebieden te vermijden waar veel teken zijn.

 HONDENRASSEN: DE RHODESIAN RIDGEBACK                                                                                                             

Deze Zuid-Afrikaanse hond dankt zijn naam aan de strook naar voren groeiend haar ("ridge") op zijn rug. Hij stamt waarschijnlijk af van een hond die ooit door de Hottentotten werd gebruikt, en die werd gekruist met honden die in de zevende eeuw door de eerste kolonisten uit Europa werden geïmporteerd, in het bijzonder mastiffs en de Bloedhond. De Rhodesian Ridgeback werd door de Boeren ontwikkeld en de standaard voor dit ras werd in 1922 in het voormalige Rhodesië opgesteld. Hij wordt zeer gewaardeerd in de Verenigde Staten en Canada, waar hij wordt gebruikt voor de berenjacht.

Type hond
Verwante rassen

Land van herkomst
Zuid-Afrika

Oorspronkelijke naam
Rhodesian Ridgeback

Andere naam
African Lion Hound, Lion-dog                  

Karakter
Deze flinke, solide, zeer snelle en moedige hond heeft een groot uithoudingsvermogen en een scherpe neus, waarmee hij op wilde dieren (zoals leeuw) jaagt. In een meute kan hij grote katachtigen neerhalen. Hij is gereserveerd ten opzichte van vreemden, waardoor hij een betrouwbare en effectieve waakhond is. Hij is dominant tegenover andere honden. Hij is rustig, blaft zelden en kan een aanhankelijk gezelschap zijn. Hij heeft een zeer consequente opvoeding nodig.

Verzorging
Hij is niet geschikt voor het leven in de stad. Hij heeft veel beweging nodig. Hij kan goed tegen warmte en koude. Hij moet twee keer per week worden geborsteld.

Gebruik
Jachthond. Waakhond, politiehond. Gezelschapshond.
Bronvermelding: Hondenencyclopedie , Royal Canin.
Hoofd
Vrij lang. Vlakke en vrij brede schedel. Duidelijke stop. Lange, krachtige snuit. Sterke kaken. Goed gesloten lippen. Neusspiegel zwart of bruin, afhankelijk van de kleur van de vacht.

Ogen
Rond, in overeenstemming met kleur van de vacht.

Oren
Vrij hoog aangezet, middelgroot met afgeronde einden, dicht tegen het hoofd gedragen.

Lichaam
Krachtig. Sterke hals zonder keelhuid. Diepe, ruime en niet al te brede borstkas. Enigszins gewelfde ribben. Sterke, gespierde lendenen. Krachtige rug.

Ledematen
Stevige benen met stevige botten. Compacte voeten met goed gewelfde tenen.

Staart
Dik aan de basis, toelopend naar het eind. Licht opwaarts gekromd gedragen.

Vacht
Kort, dicht, glad, niet wollig en niet zijdeachtig. Een ridge op de rug, vanaf de schouders tot de heupen, gevormd door haar dat in tegengestelde richting groeit ten opzichte van de rest van de vacht.

Kleur
Bleek tarwekleurig tot rood-achtig bruin. Hoofd, romp, benen en staart moeten dezelfde kleur hebben. Kleine witte aftekeningen op borst en tenen zijn toegestaan.

Schofthoogte
Reu: 64 tot 69 cm. Teef: 61 tot 66 cm.

Gewicht

Ongeveer 35 kg.